Macht en tegenmacht met Machiavelli


Het Nederlandse debat over een nieuwe bestuurscultuur zou baat hebben bij de eeuwenoude lessen over macht van Niccolò Machiavelli, stelt Dave van Ooijen. Hij bespreekt het boek Machiavelli’s lef. Levensfilosofie voor de vrije mens*, geschreven door de Vlaamse filosofe Tinneke Beeckman, en verbindt Machiavelli’s kernideeën aan de hedendaagse politiek.  

In de discussies in de Tweede Kamer over een nieuwe bestuurscultuur, over macht en tegenmacht, zie je volksvertegenwoordigers worstelen met de vraag hoe te komen tot een nieuw kabinet. Wat hen daarbij behulpzaam zou kunnen zijn, is het werk van de Italiaanse diplomaat en filosoof Niccolò Machiavelli (1469-1527). Machiavelli was iemand die de wereld bekijkt zoals die is en niet zoals die eruit zou moeten zien. Hoewel al vijfhonderd jaar dood is Machiavelli nog steeds een uitstekende gids om het politieke leven van vandaag te begrijpen. Machiavelli is niet een machtspoliticus, zoals veel mensen denken, maar een denker die op basis van observatie en gesprekken met politici, raadgevers en burgers heeft blootgelegd hoe macht werkt, hoe iemand aan de macht komt en hoe iemand deze macht ook weer kan verliezen. Het werk van Machiavelli is nog steeds uitermate relevant voor degenen die willen begrijpen wat zich momenteel in Den Haag afspeelt. In het onlangs uitgekomen boek Machiavelli’s Lef. Levensfilosofie voor de vrije mens doet de Vlaamse filosofe en columniste Tinneke Beeckman in heldere taal de vijf kernideeën van Machiavelli uit de doeken.

‘Een politicus die wil begrijpen wat er gebeurt moet gemakkelijk van perspectief kunnen wisselen’

Conflict
Als eerste betreft dit Machiavelli’s idee dat niet transparantie, maar conflict en verdeeldheid de essentie van het politieke is. Hoe in dergelijke gevallen dan toch een heldere kijk te bewaren op een conflict? Hoe kan je beoordelen wat billijk is en wat niet? Machiavelli geeft daar een aantal aanwijzingen voor. Het belangrijkste is door gebruik te maken van wat Machiavelli noemde ‘verita effetuale della cose’. Dat wil zeggen dat je de effectieve waarheid alleen kan onthullen en blootleggen door te schetsen hoe oorzaken en effecten de politieke wereld gemaakt hebben tot hoe die is. Dat wil zeggen door de werkelijkheid in kaart te brengen, los van morele of religieuze beginselen. Om dat te kunnen, moet je volgens Machiavelli kunnen kijken als een kunstenaar. Dat wil zeggen door perspectivisme en realisme te kunnen combineren. Door net als een kunstenaar de werkelijkheid te pakken te krijgen, door diverse perspectieven met elkaar te combineren. Een politicus die wil begrijpen wat er gebeurt moet makkelijk van perspectief kunnen wisselen om de essentie over wat er gaande is te pakken te kunnen krijgen.

Noodzaak
Ten tweede dient bij macht sprake te zijn van noodzaak om te handelen. Volgens Machiavelli is de aanwezigheid van noodzaak eigenlijk het beste wat je kan overkomen. Noodzaak is iets waar je per definitie niet voor kiest. Het overkomt je. Bijvoorbeeld doordat er sprake is van problemen, tekortkomingen of conflicten. De grootste noodzaak ontstaat evenwel door het ontstaan van een crisis, zoals de bestaande politieke crisis in Den Haag. Noodzaak dringt zich op, ze test je, ze daagt je uit. Machiavelli zingt de lof van noodzaak. Dat doet hij volgens Beeckman op een erg genuanceerde manier. Zo laat hij zien dat noodzaak niet alleen een persoonlijk en politiek geladen begrip is, maar ook een heel verrijkend concept. Noodzaak helpt je om nauwkeuriger te denken. Het verscherpt je oordeelsvermogen. Om de werkelijkheid te kunnen begrijpen zal je volgens Machiavelli je eigen gezichtspunt moeten zien te overstijgen. En begrijpen wat de ander als noodzaak kan ervaren. Noodzaak dwingt je om risico’s te nemen, scherper aan de wind te varen en opvattingen van anderen in je eigen denken te incorporeren.

Moraal
Volgens Machiavelli is een diepe politieke crisis, waarbij sprake is van verwarring hoe te handelen, tegelijkertijd ook een morele crisis. Daarom is tijdens een politieke crisis ook behoefte aan moreel leiderschap. Aan deugdzaam handelen. Dan moet je kunnen inschatten hoe je moet handelen. Dien je over de juiste deugden te beschikken. De inzet van deugdzaam handelen is volgens Beeckman niet alleen dat je het juiste of betere moet doen. Het gaat er ook om meer greep te krijgen op het onvoorspelbare, onverwachte, veranderlijke van het leven. Daarvoor moet je volgens Machiavelli beschikken over virtù, over voortreffelijkheid. Een eigenschap die je niet aan komt waaien, maar waarvoor je je gedrag bewust en gericht moet veranderen. Vooral Mark Rutte zie je hier mee worstelen. Beschik je over voortreffelijkheid dan ben je in staat om op elke kwestie goed te reageren, elke gelegenheid te benutten, elke dag bij te leren, zowel over jezelf als over de wereld om je heen. Het is met andere woorden geen techniek of een trucje. Je moet voortreffelijkheid hebben geïnternaliseerd. Er hard aan hebben gewerkt om te bereiken.

‘Wie lange tijd macht uitoefent, verliest morele gevoeligheid’

Spiegel
Conflict, noodzaak, moraal en voortreffelijkheid, ze hebben alles te maken met de bereidheid bij machthebbers om zichzelf een spiegel te kunnen voorhouden. Wie lange tijd macht uitoefent, vergeet weleens zijn idealen en verliest morele gevoeligheid. Raakt gewend aan macht en het werken op de automatische piloot. Om daar weerstand tegen te bieden hebben machthebbers volgens Machiavelli weerwerk nodig. Anderen die hen van tijd tot tijd een spiegel weten voor te houden. Die tegen durven te spreken. Vooral in moeilijke crisisachtige situaties moet je als machthebber het belang van anderen kunnen inzien die je een spiegel voorhouden. In die zin is het opmerkelijk, en tegelijkertijd ook wel zorgelijk, dat Mark Rutte in het interview bij Nieuwsuur, waarin hij reflecteerde op zijn eigen rol en ‘radicale ideeën over een nieuwe bestuurscultuur’ presenteerde, terloops liet ontvallen dat hij verder met niemand meer over zijn functioneren had gesproken, maar dat hij er wel ‘diepgaand over had nagedacht’.

Vrijheid
Het vijfde en laatste kernidee van Machiavelli gaat over vrijheid. Daarover bestaan in feite drie modellen. Ten eerste het model waarin vrijheid in negatieve zin wordt opgevat. In dat geval is geen sprake van externe dwang. In principe kan je ongehinderd doen wat je wil. Het tweede model gaat over vrijheid in positieve zin. Hierbij word je gestimuleerd om te doen wat je als mens kan doen. Dat je vrij bent tot het verwezenlijken van je menselijke mogelijkheden. Machiavelli stelt evenwel een andere vraag. Niet de afwezigheid van dwang of wat je doet bepaalt de mate waarin je vrij bent. Echte vrijheid gaat volgens Machiavelli over de vraag in welke mate andere mensen macht over je kunnen uitoefenen. En of je medezeggenschap hebt over wetten en regels waaraan je je moet onderwerpen. Het verschil tussen de eerste liberale (negatieve of positieve) vrijheidsopvattingen en de laatste republikeinse vrijheidsopvatting zien we telkens terug in de debatten in de Tweede Kamer. Vooral als het gaat over de macht die uitvoeringsorganisaties hebben en de vrijheid van bewoners drastisch heeft ingeperkt.

‘Het gevecht om de macht is nog lang niet ten einde’

Lef
De wijze waarop Mark Rutte in de nasleep van de toeslagenaffaire aankoerst op een kabinet Rutte III zou je kunnen zien als een schoolvoorbeeld over hoe een politicus probeert het beste in zichzelf naar voren te brengen. Maar ook hoe hij worstelt met de vraag wat het perspectivisme van andere politieke partijen is. Een politicus die na vier jaar nog steeds op zoek is waar de boosheid van Pieter Omtzigt vandaan komt. Aan de andere kant staat ook de wijze waarop Pieter Omtzigt de afgelopen jaren de toeslagenkwestie in en buiten de Tweede Kamer heeft aangekaart bol van voorbeelden waarin de kernbegrippen van Machiavelli’s denken tot uitdrukking komen. Het gevecht om de macht is nog lang niet ten einde. Maar aan alles zie je dat politiek nog steeds draait om de kernbegrippen die Machiavelli vijfhonderd jaar geleden helder op papier heeft gezet. En over wat de principes zijn om in een democratie naar te handelen. Dat wil zeggen: bekijk de werkelijkheid vanuit het perspectief van de ander, sta open voor oprechte gesprekken, behandel andere mensen met respect, verneder niemand, houd je hoofd koel, breek tijdig uit je inertie, laat niets op zijn beloop, houd moed en heb lef.

*Tinneke Beeckman, ‘Machiavelli’s lef. Levensfilosofie voor de vrije mens’, Uitgeverij Boom, 285 pagina’s, € 24,90

Vond je dit artikel interessant? Lees alle artikelen van: Dave van Ooijen
Deel dit artikel

Er zijn nog geen reacties op dit artikel

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*