De eerste zwarte vrouwelijke burgemeester


Joyce Sylvester was de eerste zwarte vrouwelijke burgemeester in Nederland. In Bent u de burgemeester? Autobiografie van een pionier beschrijft ze haar leven en carrière. Lex Cachet beschrijft het werk op platform O.

Joyce Sylvester is een rolmodel en dat wil ze weten ook. Ze was, alweer enige tijd geleden, de eerste vrouw van kleur in Nederland die de prestigieuze positie van (waarnemend) burgemeester bekleedde in Anna Paulowna en Naarden. Vooruitlopend op de fusie van Naarden met andere Gooise gemeenten werd ze er waarnemer. Door alle fusieperikelen – wie moest met wie samengaan en met wie niet – zou ze er maar liefst zes jaar blijven; uiteindelijk dus een volledige ambtsperiode.

Tussenstap
Voor Sylvester was het burgemeesterschap geen eindstation maar meer een tussenstap in een lang proces van emanciperen en carrière maken. Momenteel is ze plaatsvervangend Nationaal ombudsman. Eerder was ze onder meer financieel beleidsmedewerker bij Verkeer en Waterstaat, bestuursassistent bij de gemeente Amsterdam, promovenda staats- en bestuursrecht en lid van de Eerste Kamer voor de PvdA. Een mooie carrière dus voor een Surinaams-Nederlandse vrouw, zeker een decennium of wat geleden. Goed en leerzaam dat ze de moeite heeft genomen haar ervaringen in een bescheiden autobiografie op te schrijven.

‘Onbedoeld en onbewust staat Sylvester symbool voor een nieuw type burgemeester’

Sylvester heeft, zoals gezegd, een Surinaamse achtergrond. Haar ouders aarzelden lang tussen wonen en werken in Nederland of Suriname maar kozen uiteindelijk definitief voor Nederland. Beide ouders werkten hard om hun vier kinderen in Nederland kansen te bieden en Joyce greep die kansen met beide handen en de nodige zelfverzekerdheid aan. Zo verzette ze zich fel tegen een schooladvies dat aanzienlijk lager was dan haar CITO-score op VWO-niveau. Uiteindelijk deed ze inderdaad VWO, gevolgd door twee universitaire studies (communicatiewetenschap en politicologie). Ze promoveerde in 2000 op een proefschrift over de gevolgen van privatisering; een thema waar ze later, als lid van de Eerste Kamer, ook veelvuldig mee te maken zou krijgen.
Via het werk van haar moeder, als hoofd van de huishouding in de ambtswoning van de Amsterdamse burgemeester, kwam ze al vroeg in contact met burgemeester Ed van Thijn. Hij zou lange tijd een belangrijk voorbeeld en een vraagbaak voor haar zijn. Later, veel later, zouden ze samen deel uitmaken van de Eerste Kamerfractie van de Partij van de Arbeid.
Sylvester’s carrière-pad komt op de lezer over als afwisselend maar ook wat onrustig. Nooit lang achter elkaar hetzelfde; alsof ze zich in een nieuwe rol snel gaat vervelen. Haar burgemeesterschap in Naarden is, met zes jaar, een relatief lange periode in haar cv. In zekere zin staat Sylvester overigens onbedoeld en onbewust model voor een nieuw type burgemeesterschap. Burgemeester zijn is immers steeds minder een baan voor het leven en steeds vaker een tussenstap in een langer en andersoortig carrière-pad.

Kennen en gekend worden
Dat Joyce Sylvester relatief lang in Naarden bleef is overigens toeval. In haar naïviteit – dixit Sylvester – dacht ze dat de op handen zijnde fusie van Naarden met andere Gooise gemeenten snel tot stand zou komen. Het tegendeel bleek het geval, zoals zo vaak bij fusies tussen gemeenten (p. 152 ev.). In veel opzichten laat haar loopbaan tot nu toe ook zien hoezeer vooruitkomen en stijgen op de maatschappelijke ladder niet alleen een kwestie van talent en hard werken is. Zeker zo belangrijk zijn relaties; kennen en gekend worden. En soms speelt dus ook het toeval een belangrijke rol.
Sylvester’s autobiografie wordt gekenmerkt door een zekere ambivalentie. Enerzijds wil ze graag duidelijk maken dat ze veel op eigen kracht heeft bereikt. Maar anderzijds heeft ze toch de neiging zichzelf te profileren als voorbeeld van (groeps) emancipatie: vrouw en dan nog wel een vrouw met een kleurtje die wat bereikt heeft in het leven. Bij vlagen heeft het boekje best iets meeslepends. Zeker als ze beschrijft hoe ze ternauwernood het grote treinongeluk in november 1992 bij Hoofddorp overleefde. Alleen een lang en onzeker revalidatietraject bracht haar er weer bovenop. Anders dramatisch is het incident waar de titel van het boek aan ontleend is: een keurige witte burger van Naarden die zich, luidkeels in het openbaar, niet kon voorstellen dat deze zwarte vrouw zijn burgemeester was. Discriminatie ligt altijd weer op de loer. Overigens bood dezelfde burger later ruimhartig excuses aan voor zijn ‘faux pas’.

‘Door trouw te blijven aan haar eigen opvattingen, verspeelde ze een verkiesbare plaats op de lijst’

Sylvester’s boekje is vooral beschrijvend. Diepgaande analyses van thema’s als diversiteit, emancipatie of het burgemeesterschap ontbreken. Misschien ook wel terecht in een autobiografie. De meeste bestuurskundige meerwaarde bieden haar beschrijvingen van het functioneren van de Eerste Kamerfractie van de PvdA. Vooral het moeizaam laveren tussen haar kennis, individuele opvattingen en verantwoordelijkheid enerzijds en fractie- en coalitiedwang anderzijds zijn interessant en hebben een meer algemene relevantie. Vooral voor iemand die gepromoveerd is op de voor- en nadelen van privatisering was het vaak allesbehalve gemakkelijk de standpunten die politiek van haar verwacht werden te laten sporen met haar wetenschappelijke kennis van het onderwerp. Zeker in een periode – de paarse kabinetten – waarin politici en bestuurders vergaande privatisering tot de heilige graal van hun beleid hadden verheven.

‘Het boekje is iets te veel een gepolijst succesverhaal’

Door vooral aan haar eigen, goed gefundeerde, opvattingen trouw te blijven verspeelde Sylvester een verkiesbare plaats op de volgende lijst. Toen ze toch met voorkeursstemmen werd gekozen, werd ze hardhandig onder druk gezet om haar zetel niet in te nemen. Na lang wikken en wegen besloot ze dat uiteindelijk wel te doen. Het werd haar niet in dank afgenomen in eigen gelederen.
Wat ik in Sylvester’s biografie toch wel een beetje miste, is zelfkritiek. Die ontbreekt vrijwel en daardoor krijgt het boekje iets te veel het karakter van een gepolijst succesverhaal. Zoiets als in de autobiografie van een andere zwarte vrouw, Michelle Obama; maar dat is een andere divisie en daar is het ook veel erger.
Al met al is dit boekje een interessante en leesbare bijdrage aan onze kennis van emancipatieprocessen binnen het openbaar bestuur.

Bibliografie
Joyce Sylvester, Bent u de burgemeester? Autobiografie van een pionier. Amsterdam/Antwerpen: Atlas Contact, 2021.

Vond je dit artikel interessant? Lees alle artikelen van: Lex Cachet
Deel dit artikel

Er zijn nog geen reacties op dit artikel

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*