Wel massaal, niet massief

Gemeenten moeten nou maar eens aan de bak. Ik ben helemaal klaar met het eindeloos machteloze getreuzel. Ik doel op het getreuzel om samen te werken op dienstverlening en informatievoorziening. Ik kan dat niet meer uitleggen als ik ook wil volhouden dat gemeenten de eerste overheid zijn die maatschappelijke meerwaarde leveren.

Het hoeft weinig betoog dat dienstverlening en informatievoorziening – voorzover het dat allang niet was – tot één van de kerntaken van gemeenten behoren. Sterker, ik durf de stelling aan dat het de komende jaren zal evolueren tot dé taak van gemeenten. Letterlijk elke gemeente is in de eigen gemeentelijke biotoop keihard bezig om telkens opnieuw een slinger te geven aan de kwaliteit en efficiëntie en strategische positionering van dienstverlening en informatie.

vierkant

Maar wat de gemeenten consequent laten liggen, is dat ze dat gezamenlijk, met elkaar, oppakken. Hier en daar wordt heus wel wat samengewerkt, maar de hoofdlijn is nog steeds dat 390 gemeenten hun eigen wielen uitvinden. Het wiel van innovaties, het wiel van implementaties. Ik wil niet weten wat dát kost, uitgedrukt in onnodig uitgegeven geld en in maatschappelijke niet-gerealiseerde baten.

Ik vind het moeilijk te begrijpen, en nog moeilijker uit te leggen, dat een inhoudelijke verbetering bij gemeente X niet massaal wordt overgenomen door andere gemeenten. En dat gaat nou al jaaaaaaren zo… Nog moeilijker vind ik het te bevatten dat gemeenten de implementatie van vernieuwingen en verbeteringen niet collectief doen, maar grotendeels ieder voor zich. Ja, rond de drie decentralisaties zijn best positieve uitzonderingen te noemen. En ja, rond de Omgevingswet is de insteek op gezamenlijkheid gericht. Maar het is toch een roepend teken aan de wand dat de gezamenlijke aanbesteding van telefonie door 280 gemeenten telkens en telkens opnieuw wordt genoemd als hét voorbeeld van samenwerkende gemeenten! Dat is dan klaarblijkelijk het enige echte voorbeeld.

Genoeg gesomberd. Het tij is volgens mij in hoog tempo aan het kantelen. Door gemeenten, door maatschappelijke partners op het gebied van dienstverlening en informatiebeleid én door de algemene ledenvergadering van de VNG is uitgesproken dat het collectiviseren nu werkelijk vorm gaat krijgen. Nu of nooit, zo voelt voor mij de urgentie daarvan.

‘Genoeg gesomberd, het tij is aan het kantelen’

Dat leidt dan wel tot de boeiende vraag: wélke vorm, welke vormen?! Door Berenschot, zie https://vng.nl/files/vng/publicaties/2016/20160331-rapport-collectivisering-i-voorzieningen_en_dienstverlening.pdf, is een belangwekkende voorzet gedaan om tot coöperatief samenwerken te komen. Het rapport is de moeite van het lezen meer dan waard. Kernpunt is dat het coöperatief samenwerken de insteek is die om verdere uitwerking vraagt, op het terrein van gemeentelijke dienstverlening en informatievoorziening.

Coöperatief samenwerken dus. Het gaat dan om een herkenbare opdrachtgevende positie van gemeenten. Het gaat om het om zeep helpen van de grote afhankelijkheid van commerciële leveranciers. Het gaat om het structureel betrekken van partners als de NVVB en de VDP. Het gaat om het uitnutten van maatschappelijke en professionele netwerken. Het gaat om het creëren van substantiële meerwaarde voor burgers en bedrijven. Het gaat om eenmalige implementatie in plaats van 390 keer.

Nee, het gaat níet om het oprichten van een massief instituut dat de dienstverlening en de i-voorzieningen voor 390 gemeenten regelt. Anno 2016 gaat het immers om de kracht van het organiseren! En dat is echt wat anders dan het blijven denken in de kracht van organisaties. Ik zou zeggen: geen uitvoeringsorganisatie dus, geen uitvoeringsstructuur, maar een hybride flexibel uitvoeringsnetwerk.

Coöperatief samenwerken en collectiviseren staan haaks op massiviteit. Het gaat volgens mij juist om massaliteit. Met de mogelijkheid voor elke gemeente om te kiezen wat lokaal moet blijven, en met ruimte voor de beweging om massaal te gaan waar het met elkaar kan. Die bewegingsruimte is gigagroot als gemeenten even de moeite nemen zich te realiseren dat gemeentelijke autonomie zelden betrekking heeft op het domein van dienstverlening of informatievoorziening.

Massiviteit gaat over de logica van betonblokken. Massaliteit gaat over de liefde voor de samenleving. Typisch ambtenarenwerk om daar voor te gaan, ambtelijke professionals zijn van de uitvoering, van de ruimte, van de beweging. Uitvoerig en ruimte en beweging gericht op maatschappelijke meerwaarde.

‘Ik weet niet hoe dat coöperatief samenwerken precies moet en hoe het precies zal gaan’

Ik weet niet hoe dat coöperatief samenwerken precies moet en hoe het precies zal gaan. Ik heb nog vragen te over. Twee dingen weet ik wel. Dat er al in november van dit jaar een concrete uitwerking moet liggen hoe gemeenten coöperatieve collectivisering gaan organiseren. En dat gemeenten nu al sowieso diverse bestaande werkprocessen kunnen collectiviseren. Kan iemand mij uitleggen waarom 390 gemeenten exact hetzelfde paspoortproces hebben en onze paspoorten niet gewoon uit, zeg, Utrecht, komen?!

Ik nodig je uit op alle mogelijke manieren kritiek te leveren op het bovenstaande, om suggesties te doen, om voorstellen te lanceren. Alles wat helpt om gemeentelijke dienstverlening en informatievoorziening coöperatief te vernieuwen, is welkom!

Want gemeenten moeten aan de bak!

Vond je dit artikel interessant? Lees alle artikelen van Jan van Ginkel
Deel dit artikel

Er zijn 11 reacties op dit artikel
Dankjewel voor je bijdrage
We hebben je reactie doorgestuurd naar de redacteur(en) van dit artikel en redactie van platform O. Deel het artikel en jouw bijdrage ook met je omgeving om discussie te stimuleren.
Rein Jonkman

Hoe weten de gemeenten van elkaar welk wiel ze aan het uitvinden zijn?
Misschien wel door er een open competitie van te maken?
Zou het een idee zijn om alle voorgenomen ontwikkelingen te verzamelen, gelijksoortige ontwikkelingen bij elkaar te brengen en na een onderlinge voorselectie de beste drie hun idee laten ontwikkelen en af te spreken dat de beste door alle gemeenten wordt overgenomen? Een gezonde vorm van concurrentie dus. Mogelijk met als resultaat een beperkte vorm van diversiteit, als de praktijk daar mee geholpen is. Er kunnen dus ook twee winnaars zijn, bedoel ik.

16 okt 2016
A.J. Tijhof

 Ik begrijp dat samenwerking niet kan zonder veel woorden en hoge abstractie. De professional kwijt zijn taak met verve en met veel termen die zijn of haar kwaliteit moeten benadrukken. Maar wat ik mis en wat leidend is bij werkelijke verandering en innovatie: passie en lef bij bestuur en management. Zolang het bij holle frasen blijft wordt die (inovatie)motor niet gestart.
Dit alles betekent investeren in de medewerker en duidelijk maken dat het anders moet en anders kan. Voorbeeld geven en samenwerken intern. Met de bereikte resultaten naar de buren en daar dezelfde boodschap vertellen. Steen in de vijvermethode dus. 
De beste verandering is een succesverandering. Vier dit samen en gebruik dit binnen en buiten de organisatie. Zo kun je werken aan  samenwerking en standaardisatie. 
Dit kan natuurlijk worden ondersteund door de van Ginkels van deze wereld en de beleidsbepalers op rijksniveau.  

15 aug 2016