Minder regeldruk, maar niet voor iedereen


Regeldruk is onder ambtenaren geen populair thema. Liever innovatie. En mag het geen eis zijn dat innovatie een maatschappelijk probleem oplost. Want, zo heet het dan, de overheid moet toch ook verkennen wat de mogelijkheden van een technologie zijn? Regeldruk daarentegen is meetbaar gemaakt en dus afrekenbaar. Tussen 2012 en 2017 moest de regeldruk met tweeënhalf miljard omlaag. Gemerkt?

Toch is de meest disruptieve innovatie er gekomen met minder regeldruk – overal tegelijk – als argument. Dat is het stelsel van basisregistraties. Die tien registers met centrale informatie over waar we wonen, wat we verdienen en meer hebben totaal veranderd wat de overheid is en doet. Duizenden organisaties gebruiken ze voor toeslagen, vergunningen, alles. En daarmee is de bureaucratie veranderd van een systeem van regels waarin ambtenaren oordelen naar een set algoritmen die zonder tussenkomst van mensen meer dan de helft van het overheidsbudget herverdeelt.

Samen met anderen mocht ik de afgelopen maanden onderzoeken of dit nu de regeldruk heeft verlaagd. En ja, omdat onze gegevens gebruikt worden door de gehele overheid, hoeven we minder vaak aktes en uittreksels in te leveren, staan je naam en adres regelmatig alvast in het formulier en nemen centrale diensten die hierop rusten, zoals DigiD, de rol van identificatie over. Hoewel dit nog heel veel beter kan, als je al die minuten per persoon optelt, scheelt ons dat honderden miljoenen per jaar in tijd.

‘Wie op enigerlei wijze atypisch is, profiteert niet van een lagere regeldruk’

Maar merken we ook dat we minder tijd kwijt zijn? We ervaren administratieve lasten juist als diensten van elkaar afhankelijk zijn. Stel dat het adres niet klopt, dat voor je is ingevuld. Dan moet je eerst naar de gemeente. Balen! Controle van gegevens is dan geen servicegerichte vraag naar correctie, maar een eis van acceptatie op straffe van uitsluiting van zo’n online dienst.

Zo werkt het vaak. Wie op enigerlei wijze atypisch is, door jeugd of ouderdom, ziekte of beperkingen, niet-Nederlandse komaf of woonachtig in het buitenland, blijkt veelal niet te profiteren van een lagere regeldruk en loopt kans op een hogere regeldruk. De regeldruk is lager geworden voor de meerderheid, maar hoger voor een grote minderheid. Een minderheid waar we allemaal wel eens onderdeel van zijn, juist op het moment dat we niet op gedoe zitten te wachten.

Het merkbaar verminderen van disfunctionele bureaucratie is een uiterst creatief proces van zoeken hoe je de voordelen weet te realiseren, zonder de nadelen erbij te krijgen. Dat is innovatie met relevantie en richting. Je leert niks, als je niet weet waar je heen gaat.

*Deze column verscheen oorspronkelijk in het Financieele Dagblad op 13 juli 2019.

Stichting Kafkabrigade verzorgt ook masterclasses over digitalisering en behoorlijk bestuur. Klik hier voor meer informatie.

Vond je dit artikel interessant? Lees alle artikelen van: Arjan Widlak
Deel dit artikel

Er zijn nog geen reacties op dit artikel

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*