Regeren in ballingschap

Het dak repareren als het mooi weer is

Een tijdje terug legde ik twee mensen uit de hypotheekwereld uit dat ik huurders wil laten profiteren van de lage rente. Hoe zou dat dan moeten, vroegen mijn gesprekspartners? Door een fonds waarin miljarden worden gestort, want geld lenen kost niks en bouwen van woningen is kapitaalintensief, zei ik ongeveer.

Twee dagen later stond dit verhaal in De Telegraaf. Mijn gesprekspartners waren verbaasd: ‘Had ik er bij gezeten? Bij de heisessie van de regering?’ ‘Alwetend ben ik niet, maar veel is mij bekend’, zei ik, heel bescheiden.  Goethe laat het Lucifer zeggen. Soms voel ik mij met Lucifer verwant.

Rente
Mijn redenering was eenvoudig. Woningbouw is kapitaalintensief. De sociale huisvesting had de woningwetlening als centraal instrument. Woningcorporaties lenen ook nu nog voor hun bouwtaak per complex, maar die leningen hebben vaak lange looptijden. De rente wordt nu op de markt bepaald en alleen nog wat gematigd door een garantiestelsel. Bovendien is de huurwetgeving centraal en mede gericht op continuïteit van de corporatie.

Eigenaren hebben het gemakkelijker: zij hebben een hypotheek, met een contract voor looptijd, aflossingsverplichtingen en dergelijke. De hypotheekrente is nog steeds fiscaal aftrekbaar, al is het beperkter dan voorheen. De variatie in de rente is historisch sterk: ooit betaalde ik 10,5%, nu nog 2,6%. Het gevolg daarvan voor de woonlast is aanzienlijk.

Eerlijk is als ook huurders zouden kunnen profiteren van de lage rente. De euro en ECB hebben ons die lage rente gegeven en dat lijkt, ook mondiaal, onontkoombaar. Het betekent dat de marktpositie van sociale huurwoningen en huurders verder verslechtert, vergeleken met kopers en eigenaar-bewoners.

Investeren
Waarom wordt de kans van die lage rente niet gepakt? Ik heb penningmeesters van corporaties gezien, die met een goed glas een rentekorting van een paar breukdelen van procenten vierden, want dat scheelde tonnen in de exploitatie. Nu praten we over procenten.

Als de rente zelfs negatief wordt, is er toch alle reden om te investeren? Het dak moet worden gerepareerd als het mooi weer is. Dat is het geval, nu onze economie het beter doet dan de Duitse. Hoe lang dat zo zal zijn, met alle mondiale onzekerheden waar de minister van Financiën ons tegen waarschuwt is een tweede, maar juist daarom is actie geboden.

Dat vond het kabinet eindelijk ook. Een miljardenpot noemt De Telegraaf het. Ideetjes te over: Schiphol op zee, een Lelystadlijn naar het noorden, kunstmatige intelligentie, openbaar vervoer en infrastructuur. En woningen, dat is ook leuk. De politiek is lenig met taal als het ontvangen van grote sommen geld verdedigd moet worden. Wordt de miljardenpot een grabbelton, nog voordat er iets over is besloten? Rutte spreekt die vrees bijna letterlijk zo uit bij de Algemene Beschouwingen.

Thierry Gaudin
Een Franse technicus, Gaudin, schetste in 1985 een plaatje van de blokkade tegen beleidsvernieuwing. Hij zag de overheid als een geld verdelende machine, die met vaste onderhandelingsrituelen de wereld der ontvangende partijen bedient. Dat sluit aan bij de politicologen en hun definities: ‘politiek is het gezaghebbend toedelen van schaarse waarden’.

Hoe gebeurt die toedeling? Door jaarlijkse onderhandelingsrituelen over begrotingen en prestaties. Wat doen de ontvangers? Zij isoleren zich van elkaar, zij benadrukken het bijzondere van hun prestaties en kwaliteiten. Dat immers vraagt het onderhandelingsritueel.

Dit is de keerzijde van inhoudelijke verdelingsprocessen: ze zijn niet gericht op inhoud, samenwerking en vernieuwing, maar op het aandeel voor ieder apart uit de verdeling van de geldstroom.

Kan de overheid daar onderuit? Dat kan, maar op straffe van grote onrust onder de instellingen. Als je een gedeelte van het geld buiten de jaarlijkse onderhandelingen wilt toedelen, zorg dan voor een bescheiden volume, dat niet bedreigend is voor de bestaande verhoudingen tussen instituties.

Met die middelen buiten om financier je het experimenten en innovatiebeleid in de volkshuisvesting, adviseerde ik Heerma senior, toen hij staatssecretaris was. Kern: innoveren doen we niet voor geld, maar voor het plezier. De Stichting Experimenten Volkshuisvesting heeft meer dan 20 jaar bestaan en ging uiteindelijk op in Platform 31. Een beetje geld mag, maar in kleine coupures.

Frans Nauta
Nog een voorbeeld over de strijd van belanghebbenden over een aandeel in de geldstroom. Balkenende wilde een Innovatieplatform en trok daarvoor Frans Nauta aan als secretaris. Roel in ’t Veld suggereerde hem dat hij een dagboek moest bijhouden. Dat levert een vermakelijk en onthutsend verslag over het bederf van de strijd om het grote geld. De voortreffelijke leden van het platform bleken eigenlijk vooral uit op hun aandeel uit de geldstroom, innovatie was bijzaak.

De departementen zagen het tandenknarsend aan en strooiden zand in de jonge machine, want er waren al verdeelsystemen, die zij beheersten. En als je geld verdeelt, ben je machtig. Toen dat zand niet hielp, werd de aanval op Nauta als persoon gericht, uitgesproken door Balkenende zelf, met inhoudelijke verwijten. Nauta reageerde nuchter en inhoudelijk, waarna spoedig bleek dat er geen enkel inhoudelijk bezwaar tegen hem was.

Maar het signaal was helder. Er was geen behoefte aan andere verdeelsystemen van grote sommen overheidsgeld. Het Innovatieplatform zakte snel in elkaar. Van de grootse prestaties die het Innovatieplatform werden toegedacht, heeft nooit meer iemand vernomen.

Het boeiende verhaal is van Frans Nauta Het Innovatieplatform, innoveren in het centrum van de macht; Sdu Uitgevers, 2008.

Logisch burger denken
Hoe krijgen we het zo ingewikkeld? Waarom roept iedereen over een tekort aan betaalbare woningen en slaagt niemand in de productie ervan? Komt dat doordat alles aan de markt wordt gelaten? En nu zitten we ook nog met het probleem dat het economisch zo goed gaat. Kiezen we koopkracht of verdienvermogen op termijn?

Rutte, die ooit het bedrijfsleven voordeel op voordeel toeschoof, roept nu dat de werkgevers in de CAO’s maar eens over de brug moeten komen. Het is niet helemaal geloofwaardig, maar je zou zeggen: hij doet het als een volleerde vakbondsman. En zijn VVD heeft er niet eens veel bezwaar tegen. Leve de koopkracht.

De georganiseerde belangenbehartigers staan klaar om de mogelijke miljarden uit het fonds in hun richting te leiden. Het investeringsfonds moet zich aan vaste, wel snelle, procedures binden, zegt de minister-president. Want plunderen van het fonds moet niet.

Zou de koopkracht niet het beste gediend worden met wat forse coupures in ieders brievenbus? Letterlijk, dus zonder tussenkomst van wie dan ook. Maar misschien gaat het toch minder om koopkracht. De onvermijdelijke Hans de Boer had wel een aardige: zullen we even definiëren wat ‘investeren’ betekent? Dat is niet gek. De belangenbehartigers zijn zeer lenig met taal als ze hun aandeel moeten rechtvaardigen.

Vandaar dat ik even vasthoud aan mijn bestemming voor het geld. Als iets de erosie van het neoliberale beleid in de huisvesting kan corrigeren, dan is het gebruik van de lage rente voor woningbouw en bouwnijverheid. In het nieuwjaarsartikel van economenblad ESB werd gepleit voor een premie op nieuwbouw door corporaties, die kon worden betaald uit de verhuurdersheffing. Een mooie sigaar uit eigen doos en beschamende onzin. Afschaffen van de verhuurdersheffing zou de investeringsruimte bij woningcorporaties sterk vergroten. Die speelruimte zou ook een lokaal woonlastenbeleid mogelijk maken. Leve de decentralisatie.

Laat deze regering weerstand bieden tegen alle polderpartners, die komen vertellen hoe uniek en onmisbaar ze zijn. Een beetje visie en een plan helpt…

 

 

 

Vond je dit artikel interessant? Lees alle artikelen van: Tom van Doormaal
Deel dit artikel

Er zijn nog geen reacties op dit artikel

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*