Symbolen van het lokale bestuur


Het persoonlijke aspect van openbaar bestuur is belangrijk, maar net zoveel gewicht kan worden toegekend aan de wijze waarop het openbaar bestuur zich fysiek presenteert in de vorm van gebouwen. Gemeentehuizen in Nederland, hier besproken door Lex Cachet, biedt niet alleen een prachtig overzicht van bestuurlijke architectuur, ook doet het een poging om relaties te leggen tussen de bouwstijlen van gemeentehuizen en de wijze waarop het lokale bestuur zich wil presenteren.

Het openbaar bestuur – hoe belangrijk vaak ook – is in veel opzichten en voor heel veel mensen toch een abstract en moeilijk grijpbaar ‘iets’. Mede daarom is het van belang hoe en in welke vormen het openbaar bestuur zich concreet zichtbaar maakt, zich presenteert, voor de burger. Natuurlijk denken we daarbij al snel aan zichtbepalende personen. De rijksoverheid – ‘Den Haag’ – is Rutte, althans zolang hij minister-president blijft. De gemeente – kort voor de gemeentelijke overheid of het gemeentebestuur – is de burgemeester. In de visie van veel burgers is die burgemeester ‘de baas’ van de gemeente. Heel wat burgers vinden het dan ook onbegrijpelijk dat de burgemeester, desgevraagd, hun probleem niet even kan oplossen.

Gemeente als eerste overheid
Hoe het openbaar bestuur zich presenteert, is echter niet enkel en alleen een kwestie van personen en persoonlijkheden. Hoe belangrijk het persoonlijke element ook mag zijn in een tijd van extreme media ‘coverage’. Zeker zo belangrijk is de wijze waarop het openbaar bestuur zich fysiek presenteert in de vorm van gebouwen. Wil de overheid zich bescheiden en dienend opstellen, gezag uitstralen, imponeren, intimideren? Wie in Brussel wel eens het Justitiepaleis heeft bezocht kan zich bij dat intimideren alles voorstellen: een enorm gebouw, hoog boven de stad op een heuvel. Veel overheidsgebouwen in de VS hebben dezelfde imponerende en lichtelijk intimiderende uitstraling. Wil een overheid die zich zo presenteert, dienen of onderwerpen?

‘De gemeente is de overheid waar de modale burger het vaakst mee geconfronteerd wordt’

De gemeente is, in de formulering die een VNG-commissie ooit gaf, de eerste overheid. Die overheid waar de modale burger het eerst en het vaakst mee geconfronteerd wordt. Dus is het de moeite waard te kijken hoe die eerste overheid zich aan zijn burgers presenteert, of dat verschilt in de tijd en of er verschillen zijn tussen regio’s of tussen grote en kleinere gemeenten. Wie die vragen wil beantwoorden, kan nu terecht bij een prachtig boek dat de VNG presenteerde bij het afscheid van Jantine Kriens als algemeen directeur. Een boek dat foto’s en korte omschrijvingen biedt van alle gemeentehuizen van huidige gemeenten in Nederland[1]. Daarnaast biedt het boek ook foto’s van een aanzienlijk aantal gemeentehuizen van voormalige gemeenten. Dat alles verpakt in een qua formaat en omvang fors boek, dat prachtig verzorgd is. Het toeval wil dat uitgerekend het gemeentehuis van de gemeente waar ik al lang woon en actief ben – Capelle aan den IJssel – de voorkant van het boek siert. Dat is een aangename verrassing maar geen doorslaggevend argument om het een prachtig boek te vinden; dat is het zonder meer.

Meer dan een overzicht
In Nederland is, zeker recent, niet zo veel geschreven over hoe het openbaar bestuur zich fysiek presenteert. Een enkele uitzondering daargelaten. Nico Nelissen, socioloog, hoogleraar bestuurskunde en architectuurkenner, schreef een serie over gemeentehuizen. Marc Otte, ook bestuurskundige, beschreef in zijn proefschrift de uiterst moeizame totstandkoming van gemeentehuizen in Amsterdam en Apeldoorn. Wouter-Jan Verheul – ook al een bestuurskundige – schreef over de rol van stedelijke iconen, maar daarbij niet of nauwelijks over gemeentehuizen. Ook dat zegt wat. Zelfs als ik een bijdrage over het hoofd zie – ik sluit het niet uit; excuses bij voorbaat – zelfs dan geldt dat dit fraaie boek in een behoefte voorziet omdat het een lacune in onze kennis van het lokale bestuur dicht.

‘Het boek doet een poging om relaties te leggen tussen de bouwstijlen van gemeentehuizen en de wijze waarop het lokale bestuur zich wil presenteren’

De kracht van dit boek is dat het meer is dan ‘alleen maar’ een overzicht van 355 huidige gemeentehuizen en nog een aantal vroegere gemeentehuizen. Op zich is dat overigens al een prestatie van formaat, zeker als je je realiseert dat de mooie foto’s van al die gemeentehuizen door één en dezelfde fotograaf zijn gemaakt: Jan van der Voet, tot voor kort hoofd Concernstaf bij de VNG. Het boek is ook meer dan alleen maar een vorm van architectuurgeschiedenis. Dat is het natuurlijk ook, want de stijlontwikkeling die de gemeentehuizen laten zien is in menig opzicht representatief voor bredere ontwikkelingen in de Nederlandse architectuur.

‘De moderne publiekshal toont de lokale overheid als dienaar van zijn burgers’

Wat het boek inhoudelijk vooral meerwaarde geeft is de combinatie van het fotomateriaal met de inleidende hoofdstukken, de inleidende paragrafen per hoofdstuk, de korte beschrijvingen per gemeentehuis en de kaders waarin kort thema’s worden uitgewerkt. Alles bij elkaar wordt daarin een poging gedaan – bescheiden, maar toch – om relaties te leggen tussen de bouwstijlen van gemeentehuizen en de wijze waarop het lokale bestuur zich wil presenteren. Om een enkel voorbeeld te noemen: de torens die gemeentehuizen tot voor kort vaak sierden (Hengelo, Hilversum) verwijzen naar het gemeentehuis als toevluchtsoord ooit bij oorlogen en rampen, bordes en balkon benadrukken de rol van gezagsdragers (Zeist, Weesp), de burgerzaal (Rotterdam; Zwijndrecht) wijst op een overheid die er voor zijn burgers wil zijn en hen (letterlijk) wil ontvangen, de demonstratief aanwezige raadszaal (Almere, Haarlem) wil de democratie benadrukken en de moderne publiekshal (Zutphen, Capelle aan den IJssel)  toont de lokale overheid als dienaar van zijn burgers. Dat laatste geldt ook sterk voor multifunctionele gemeentehuizen in meest kleinere gemeenten (Moerdijk, Hof van Twente) waar ook bibliotheek, theater en soms zelfs een sporthal onderdak vinden. Een dergelijk gemeentehuis wil inderdaad het huis van de gemeente zijn en voert vaak ook die titel.
De oudste gemeentehuizen (Gouda, Veere, Delft) weerspiegelen de geleidelijke emancipatie van het lokale bestuur tot een zelfstandige bestuurslaag, los van de rechtspraak. De modernste gemeentehuizen (Midden-Delfland, Maasdriel, Sudwest-Fryslan) weerspiegelen vooral gemeentelijke samenvoegingen en schaalvergroting. Dat de gemiddelde gemeente inmiddels 49.000 inwoners telt en een al maar groter takenpakket krijgt, is goed te zien aan de schaal van de huidige gemeentehuizen.

Vrij van oordelen
Interessant is ook om te zien hoe divers de gemeentehuizen zijn en waren en hoe hun uitstraling in de tijd veranderde. Leuk ook om in een boek als dit te bladeren en te zoeken naar gemeentehuizen die je kent. Jammer alleen, dat de uitgever geen algemeen register heeft toegevoegd. De ordening is nu alleen alfabetisch, per provincie en soms leidt dat tot enig extra zoekwerk omdat je niet zeker weet – ik althans – in welke provincie een gemeente ligt. Verstandig is dat de auteurs zich verre houden van oordelen in termen van mooi en lelijk. Ik zal dat ook doen, ook al is het raadhuis van Dudok, in mijn geboortestad Hilversum, natuurlijk niet voor niets wereldberoemd.
Al met al is dit boek prachtig lees- en kijkvoer voor wie van het lokale bestuur houdt. Een prima initiatief van de VNG en – zoals men dat daar graag wil – uitstekend uitgevoerd.

Bibliografie

[1] Gemeentehuizen in Nederland. Auteurs: Jan Vredenberg en Charlotte van Wijk. Fotografie Jan van der Voet. Utrecht: Uitgeverij Matrijs. 2020. 272 pagina’s; 30,5 / 24 cm.

Vond je dit artikel interessant? Lees alle artikelen van: Lex Cachet
Deel dit artikel

Er is 1 reactie op dit artikel

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*

    ">hans wilmink
    gepensioneerd rijks ambtenaar

    Lex Cachet een mooi stukje die recensie. We willen een overheid die sober is en niet met geld smijt, 161 miljoen voor een wisselwoning van ons parlement is een treurige misstap.
    Maar we willen toch wel dat openbare gebouwen uitstralen dat daar waardevol werk gedaan wordt. De korte schets van de functies van een gemeentehuis en hoe de architectuur die kan helpen benadrukken is prikkelend en een aanbeveling voor dat boek.

    04 nov 2020